Onderdeel van: Ingezetenencriterium (I-criterium)
Van pilot in het zuiden tot landelijke status — en de discussie of dat ook overal handhaving betekent.
Eerst de grens, daarna landelijk
Vanaf 1 mei 2012 werden het besloten-clubcriterium (B) en het ingezetenencriterium (I) ingevoerd in de zuidelijke provincies Limburg, Noord-Brabant en Zeeland, waar drugstoerisme de meeste overlast veroorzaakte. In de volksmond stond die combinatie bekend als de wietpas.
Het B-criterium — een besloten club met ledenlijst en een maximum aantal leden — werd na een half jaar geschrapt. De registratieplicht stuitte op privacybezwaren en dreef klanten aantoonbaar naar de illegale straathandel. Het I-criterium bleef staan.
Per 1 januari 2013 kreeg het criterium formeel een landelijk karakter: coffeeshops moesten in heel Nederland alleen aan ingezetenen verkopen.
Handhaving lokaal bepaald
Landelijke geldigheid is niet hetzelfde als landelijke handhaving. Bij de landelijke invoering is expliciet vastgelegd dat handhaving gebeurt in overleg met de lokale driehoek — burgemeester, officier van justitie en politie — en dat daarbij rekening wordt gehouden met de plaatselijke situatie en met openbare-orde- en gezondheidsrisico's.
Dat maatwerk was politiek noodzakelijk om de regel überhaupt landelijk te kunnen invoeren, maar leidt sindsdien tot grote verschillen tussen gemeenten. Op papier één regel, in de praktijk een lappendeken.

