De politiek heeft het er nog wat moeilijk mee, maar inmiddels is de voor de Nederlandse economie belangrijke tuinbouwsector klaar voor de wiet. Dat bleek afgelopen week uit de omvang van het cannabispaviljoen op de GreenTech, een grote internationale tuinbouwbeurs in de Amsterdamse RAI.

Waar het wietexperiment met horten en stoten op gang komt, lijken de tuinbouwsector en grote internationale bedrijven de knop te hebben omgedraaid. De sturende krachten van de Nederlandse economie vinden inmiddels dat cannabis er gewoon bij hoort.

GreenTech

In de RAI presenteerden bedrijven de afgelopen week de laatste snufjes en ontwikkelingen op tuinbouwgebied. GreenTech is de grootste tuinbouwbeurs van Nederland, die veel internationale bezoekers en bedrijven trekt. Het is een belangrijk evenement waar tuinbouw-professionals en geïnteresseerden elkaar ontmoeten, nieuwe ontwikkelingen bekijken, en zaken doen. Ook een groot aantal bedrijven dat actief is in de cannabissector had er een stand. Waar de cannabisgerelateerde bedrijven zich vorig jaar nog schoorvoetend presenteerden tijdens de GreenTech, was het cannabispaviljoen in 2019 een van de belangrijkste trekpleisters.

Er waren natuurlijk de typische bedrijven uit de wietindustrie als (cannabis)zadenbedrijven, producenten van cannabisvoeding en internationale distributeurs van kweekapparatuur. Maar opvallend was dat grote tuinbouwbedrijven er anno 2019 eerlijk voor uitkomen dat ze naast de tomatenteelt inmiddels ook de cannabis wel zien zitten en zich durfden te presenteren met afbeeldingen van grote wietplanten. Dat was een paar jaar geleden nog zeker niet het geval. Inmiddels zorgen de legalisering van cannabis in grote delen van Noord Amerika, de explosieve groei van de medicinale cannabis (inmiddels zijn er 24 miljoen CBD gebruikers in Europa) en het wietexperiment ervoor dat de interesse van tuinbouwers in cannabis is gewekt. De Nederlandse tuinbouwbranche weet het inmiddels zeker: De cannabissector hoort er helemaal bij, cannabis is mainstream geworden.

Geen paprika’s maar wiettoppen

Het cannabispaviljoen was de afgelopen week de grote publiekstrekker op de GreenTech. Het was even wennen om in het hart van de doorgaans behoudende tuinbouwsector opeens stands te zien met afbeeldingen van grote wiettopen in plaats van paprika’s en komkommers. Zoiets zou een paar jaar geleden ondenkbaar zijn op zo’n beurs! Naast Nederlandse telers van tomaten en komkommers uit het Westland en andere tuinbouwgebieden kwamen ook opvallend veel geïnteresseerden uit China, Oekraïne, Nieuw Zeeland, Macedonië, Zuid Afrika, Italië en een hele hoop andere landen naar de stands van de bedrijven uit de cannabisindustrie. Die geïnteresseerden hadden vaak roots in de tuinbouw, maar lang niet altijd. Ook investeerders, techneuten, projectontwikkelaars en studenten van een business school toonden specifiek hun interesse in de cannabis. Het was duidelijk voelbaar: de kogel is door de kerk. De wietindustrie is geen obscuur semi-ongewenst nevenverschijnsel meer, maar een sector die onderdeel uitmaakt van de Nederlandse tuinbouw, die hongerig is naar de mogelijkheden die de nieuwe telg in de familie te bieden heeft. GreenTech liet zien dat, ook al laat Nederland zijn kennisvoorsprong op het gebied van cannabisteelt momenteel inlopen door landen als Canada, velen Nederland nog steeds zien als belangrijk land in de ontwikkeling van een wereldwijde wietindustrie. Het lijkt nog niet te laat om internationaal een voortrekkersrol te spelen op het gebied van innovatie in de cannabisteelt.

Coffeeshops

Er liepen ook wat coffeeshopondernemers rond op de GreenTech. ‘Het is even wennen om hier te zien dat cannabis tegenwoordig een van de normale gewassen is in de tuinbouwsector’ merkt een van de ondernemers op. ‘Het gaat hier officieel om medicinale wiet, maar iedereen die hier rondloopt snapt dat het verschil tussen medicinaal en recreatief de langste tijd heeft gehad.’

Een paar vertegenwoordigers van grote tuinbouwbedrijven die de beurs bezochten waren zeer geïnteresseerd in de vergunningen die zullen worden uitgegeven voor het wietexperiment. ‘Maar wiet telen, dat kunnen jullie toch helemaal niet?’ opperde een Nederlandse wietteler die zijn werkgebied inmiddels heeft verlegd naar Canada. De tuinbouwers maakten een wegwerpgebaar: ‘Wij kunnen alles telen wat wortels en bladeren heeft!’ Het is duidelijk. Zodra de lichten op groen staan kunnen grote tuinbouwers op grote schaal wiet produceren.

Biologisch

Op de beurs liepen tal van geïnteresseerden rond die maar wat graag zouden deelnemen als teler aan het wietexperiment. Naast grote tomatentelers was bijvoorbeeld ook de Legale Cannabis Coalitie (LCC) met een proefopstelling aanwezig. De LCC, een samenwerkingsverband van investeerders, vastgoedbedrijven, tuinders en andere bedrijven wilde tot voor kort niets met coffeeshops en de cannabissector te maken hebben.

Veel coffeeshops zouden liever in zee gaan met telers als John en Ines Meijers. Deze twee bekende Groningse wiettelers kweekten altijd voor coffeeshops. John en Ines willen meedingen naar een van de vergunningen voor het experiment. Ze willen dat geheel biologisch gaan doen. John: ‘Als we dan toch een nieuwe sector beginnen kun je het beter meteen goed opzetten. Met biologische teelt, zonder pesticiden. Dat kan door in kleinere units te telen en te werken met insecten als de roofmijt, in plaats van gif. Wij kunnen op cocos met organische voeding hele mooie wietplanten telen.’

Beide Groningers kweekten altijd erg professioneel en biologisch en leverden goede eerlijke wiet in alle openheid. John en Ines zijn het type telers dat je aan het wietexperiment zou willen laten deelnemen. Geen gif, jarenlange ervaring met de wietplant en de wensen van de consument. John is een van die telers met groene vingers en hart voor de zaak. ‘Het lijkt me heerlijk om binnen het experiment met een team van goede mensen een mooi product voor de Nederlandse markt te mogen telen.’

Het zal erom spannen welke telers de coffeeshops gaan aanleveren. Het is mooi om op de GreenTech te zien dat Nederland het wereldcentrum van de tuinbouw is en dat superprofessionele telers naast tomaten ook best cannabis willen telen. Maar je zou toch hopen dat naast die grote tomatentelers vooral ook de oudgedienden in de wietteelt een plekje krijgen in het experiment.

Minister wil duurzaam

Coffeeshops zien het liefst dat alle wiet van goede kwaliteit is en biologisch geteeld, zonder pesticiden. Landbouwminister Carla Schouten presenteert maandag 17 juni een plan om de landbouw te verduurzamen. Een wietexperiment met biologische wiet zou daar naadloos in passen.

Redactie BCD, 17 juni 2019