In 2014 verwezen experts het plan van minister Opstelten om sterke wiet uit de coffeeshop te weren naar de prullenbak. Het bleek onnodig en onuitvoerbaar. Dit ‘coffeeshopje pesten’ zou leiden tot een toename van de zwarte markt. Daarbij is nooit wetenschappelijk aangetoond dat een hoog percentage THC schadelijker is.

Coffeeshops zijn niet de enige mogelijkheid in Nederland om wiet te kopen. Veel consumenten gaan voor cannabisproducten nog steeds naar de zwarte markt. Er is totaal geen zicht op het aanbod van ‘zwarte wiet’. Op leeftijd en kwaliteit wordt in de illegaliteit niet gecontroleerd, het is een paradijs voor jeugdigen en liefhebbers van sterke wiet. Het percentage THC van illegaal op internet aangeboden producten ligt hoger dan die van de cannabis in veel coffeeshops. Binnen het wietexperiment is het dan ook logisch om die zwarte markt zoveel mogelijk tegen te gaan. Coffeeshops moeten de gelegenheid krijgen om een gevarieerd aanbod aan wiet te verkopen van goede kwaliteit, voorzien van een etiket met productinformatie. Alleen met een aanbod dat concurrerend is qua prijs en kwaliteit kunnen coffeeshops concurreren met de illegale aanbieders online en ‘op straat’.

Met ‘coffeeshopje pesten’ jaag je consumenten de zwarte markt op.

Een consument weet anno 2018 wat hij wil. Een alcoholliefhebber leest op het etiket van een fles de informatie over smaak en alcoholpercentage van bier, wijn of whisky. Op grond daarvan bepaalt hij zijn keuze. Hoe hoger het alcoholpercentage, hoe kleiner de glazen waaruit gedronken wordt. Dat werkt ook zo bij cannabisrokers. Als een consument wiet met een hoger percentage THC koopt, zal hij minder roken dan van lichte wiet. Ook de cannabisconsument weet wat hij wil. Alleen is er nu nog vaak geen etiket met productinformatie. Maar het wietexperiment zal dat veranderen. Er moet meer openheid komen over de kwaliteit van de cannabisproducten en dat kan alleen als die producten in de coffeeshop worden verkocht, en niet op de zwarte markt. De coffeeshop is de sleutel naar een gezond en verantwoord cannabisgebruik, door mensen vanaf 18 jaar. De coffeeshop is een oplossing van problemen en niet de oorzaak ervan. Daarom is het opvallend dat er enkele weken terug toch weer even werd gesproken over het stellen van een maximum THC percentage in coffeeshop wiet. Met ‘coffeeshopje pesten’ jaag je consumenten de zwarte markt op.

Onzalig plan Opstelten

Enkele jaren geleden schermden fervente tegenstanders van het gedoogbeleid rondom toenmalig minister van Justitie Opstelten met de optie om het THC-gehalte in coffeeshopwiet te beperken tot 15%. In de Tweede Kamer liet een groot aantal opgetrommelde experts op dit gebied weten dat dit plan onzalig was. Handhaving van de 15% zou op grote problemen stuiten en het zou de zwarte markt bevorderen. Bestudering van wetenschappelijke bronnen waarop de THC ‘beperkers’ zich beroepen laat zien dat nooit is aangetoond dat wiet met veel THC schadelijker is dan wiet met een lager THC percentage.

Ongeloofwaardig

Critici van het gedoogbeleid verwijzen vaak naar ondeugdelijk wetenschappelijk onderzoek. Daarbij worden wetenschappelijke feiten vaak verdraaid. Het ministerie van Justitie heeft de afgelopen jaren enkele keren een scheve schaats gereden op het gebied van wetenschappelijke onderbouwing van het gedoogbeleid. Onderzoekers van het WODC (het wetenschappelijke bureau van het ministerie) bleken herhaaldelijk te zijn gedwongen om bepaalde uitkomsten te leveren die in de lijn lagen van de politieke overtuiging van de minister. Het aanpassen van onderzoeksrapporten om de minister te behagen is een doodzonde voor een wetenschappelijk bureau als het WODC. Het schandaal kwam in 2017 aan het licht en maakt het WODC ongeloofwaardig. In de slipstream van het schandaal is het nodig om de ‘wetenschappelijke feiten’ waarmee tegenstanders van verdere regulering strooien, kritisch te bekijken. Het oprakelen van de THC-kwestie is een goede reden om de wetenschappelijke verwijzingen waarop de 15% THC-ers zich beroepen tegen het licht te houden.

Aannames commissie Garretsen

Het THC-verhaal begon in 2011 toen Adviescommissie Garretsen bekeek of het verschil in lijst 1 (‘harddrugs’) en lijst 2 (cannabis) van de Opiumlijst aan een update toe was. Een van de mogelijke maatregelen die de commissie daarbij opperde was om cannabis met een THC-gehalte boven de 15% op lijst I van de Opiumwet te plaatsen. In dat geval zou sterke wiet tot harddrug worden verheven en niet meer in de coffeeshop thuishoren.

Garretsen en de zijnen baseerden zich bij het advies op een vermoeden dat een hoog THC-gehalte tot gezondheidsschade leidt. Ze verwezen daarbij naar twee rapporten (Moore et al, 2007 en het CAM-rapport, 2008). Maar beide rapporten geven geen harde conclusies over (grotere) gezondheidsschade van cannabis met een THC-gehalte boven de 15%. Ook uit ander onderzoek blijkt niet dat wiet met veel THC slecht is voor de gezondheid. Omdat de commissie zelf ronduit toegeeft dat de schadelijkheid van sterke wiet slechts een vermoeden is, beveelt zij nader onderzoek aan. Vreemd is daarbij wel het advies om ‘voor de zekerheid’ wiet met sterke THC alvast uit de coffeeshops te weren, door het op de lijst 1 (harddrugs) te plaatsen. Het getal 15(%) om ‘soft’ van ‘hard’ te scheiden is daarbij een ongefundeerd percentage. Het had ook 25% kunnen zijn. Nogmaals, het hele verhaal is op aannames gebaseerd.

Psychiatrische klachten

Bij de gezondheidsproblemen die THC zou kunnen opleveren gaat het om psychiatrische klachten (psychose). De kennis over de effecten van cannabisgebruik bij patiënten met psychose of schizofrenie is echter beperkt. Duidelijke conclusies zijn daarom volgens Kuepper et al (2013) niet te trekken. Of een hoog THC-gehalte daarbij een rol speelt is al helemaal niet duidelijk. Het risico zou eerder uitgaan van de frequentie van het gebruik, dan van de sterkte van de cannabis. Verder speelt ook het principe van ‘drug-set-setting’. Genetische factoren (set) en omgevingsfactoren (setting) lijken een belangrijke rol te spelen bij de mate waarin iemand reageert op cannabis.

Wisselwerking THC en CBD

Er is nooit direct wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de schadelijkheid van cannabis met een hoog THC-gehalte. Wel weten we dat van alle drugs cannabis de minst toxische is. Je kunt niet overlijden aan een overdosis cannabis.

De focus op het THC-percentage in cannabis is achterhaald. Dat stelt ook de commissie Garretsen eigenlijk al: “De eenzijdige aandacht in de discussie over het THC-gehalte van cannabis gaat voorbij aan het feit dat uit wetenschappelijke bevindingen blijkt dat de werking van THC mogelijk wordt beïnvloed door een andere cannabinoïde, de cannabidiol (CBD).” (Garretsen et al, 2011, pag. 46). CBD dempt de werking van THC. Het zou een goed idee zijn om meer onderzoek te doen naar de wisselwerking tussen CBD en THC. Het is riskant om conclusies te trekken over het THC-gehalte voor er goed onderzoek naar is gedaan.

Het idee dat wiet in de coffeeshop maximaal 15% THC zou mogen bevatten is niet op feiten en wetenschappelijke bevindingen gebaseerd.

Wietexperiment: zwarte markt terugdringen

Moet je sterke wiet uit de coffeeshop weren? Als je sterke wiet uit de coffeeshop haalt stimuleer je de zwarte markt. Een deel van de cannabisconsumenten is op zoek naar wiet met een hoog THC-gehalte. Als ze die niet vinden in de coffeeshop zullen ze uitwijken naar het illegale circuit. Daarom waren experts van de verslavingszorg (GGZ-NL), de coffeeshopondernemers, het Nederlands Forensisch Instituut (NFI), maar ook de politie en justitie in 2014 unaniem in hun oordeel: minister Opstelten moet zijn huiswerk beter doen voordat hij zo’n ingrijpende maatregel zou nemen. Dat huiswerk heeft hij nooit gedaan. Het idee dat wiet in de coffeeshop maximaal 15% THC zou mogen bevatten is niet op feiten en wetenschappelijke bevindingen gebaseerd.

Het doel van het wietexperiment is om de zwarte markt zoveel mogelijk terug te dringen. Op dit moment profileert de zwarte markt zich al met dure, sterke soorten. Illegale aanbieders zullen nog meer inspelen op de vraag naar sterkere soorten wanneer coffeeshops uitsluitend cannabisproducten mogen verkopen met een maximaal THC-gehalte van 15%. De nadruk op verschillen in THC-gehalten tussen het gedoogde aanbod en de illegale markt kan ertoe leiden dat sterkere soorten in bepaalde gebruikerskringen (nog) populairder worden. Dit vergroot niet alleen het marktaandeel van illegale aanbieders, het leidt ook tot grotere gezondheidsrisico’s. Aanbieders op de zwarte markt trekken zich immers niets aan van de scheiding tussen soft en harddrugs. Consumenten die op de zwarte markt op zoek gaan naar sterkere soorten cannabis vinden daar ook pillen en cocaïne of andere harddrugs.

Ongezond en rampzalig

Hoe je het ook wendt of keert, met het huidige systeem van coffeeshops is Nederland in staat om consumenten binnen een veilige setting van cannabis te voorzien. De discussies over THC en de invulling van het wietexperiment mogen niet ten koste gaan van het marktaandeel van coffeeshops. Toename van de zwarte markt zou een ongezonde en rampzalige ontwikkeling zijn.

Redactie BCD 7 maart 2018