Het ingezetenencriterium voor coffeeshops leidde in een aantal steden tot grote overlast, nadat eerder de wietpas een fiasco was geworden. In veel gemeenten wordt het ingezetenencriterium voor coffeeshops om uiteenlopende redenen niet actief gehandhaafd.

Vanaf 1 mei 2012 werd de wietpas ingevoerd in Limburg, Brabant en Zeeland. Het idee was dat de coffeeshop een besloten club zou worden, alleen toegankelijk voor leden met een wietpas. Dit werd gerealiseerd door invoering van het besloten-clubcriterium (B-criterium) en het ingezetenencriterium (I-criterium). Om in aanmerking te komen voor een wietpas had je een uittreksel van de Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens (GBA) en een identiteitsbewijs nodig.

De wietpas mislukte volledig. Van de ene op de andere dag stonden buitenlanders in de drie zuidelijke provincies voor een dichte coffeeshopdeur. Het was een feestje voor dealers op scooters die de politie uitdaagden voor draaiende filmcamera’s van actualiteitenprogramma’s. Heel Nederland kon op de televisie zien hoe het beleid had gefaald. Niet alleen de buitenlanders bleven weg uit de coffeeshops in de drie provincies, ook de meeste lokale consumenten zochten hun heil elders. Er bleken nauwelijks mensen te vinden die bereid waren om een GBA-uittreksel op te vragen, waarbij ze in de gemeente mogelijk geregistreerd zouden komen te staan als coffeeshopbezoeker. De coffeeshops bleven maandenlang leeg. Omdat de overlast door invoering van de wietpas groot was, werd de wietpas uiteindelijk in 2013 niet in heel Nederland ingevoerd, zoals aanvankelijk wel de bedoeling was.

De wietpas werd na het debacle in de zuidelijke provincies ook daar afgeschaft. In plaats daarvan werd op 1 januari 2013 het ingezetenencriterium ingevoerd. De toegang tot de coffeeshop zou daardoor alleen nog mogelijk zijn voor mensen die in Nederland staan geregistreerd. De handhaving van het I-criterium wordt aan de gemeenten zelf overgelaten. De overgrote meerderheid van de coffeeshopgemeenten heeft ervoor gekozen om dit criterium niet actief te handhaven. Slechts een aantal gemeenten, met name in de zuidelijke provincies, doet dit wel. Toeristen komen in die gemeenten de coffeeshop niet in.

Tilburg

Tilburg handhaafde het criterium tijdelijk, maar begon na een aantal jaren te twijfelen aan de effectiviteit van het ingezetenencriterium. Tijdens een aantal muziekevenementen kwamen heel wat Belgische muziekliefhebbers op de stad af. Een groot aantal van deze concertgangers ging tijdens het evenement op zoek naar cannabis. Ze kwamen terecht bij illegale aanbieders en dat veroorzaakte overlast. De gemeente besloot in 2018 om het ingezetenencriterium als proef niet meer te handhaven. Uit een rapport waarin onderzoeksbureau Intraval publiceerde over de gevolgen daarvan bleek dat er geen toename was van de overlast. Op grond van die bevinding besloot Tilburg om definitief af te zien van handhaving van het I-criterium.

Eindhoven

In Eindhoven is het ingezetenencriterium sinds 2015 niet meer gehandhaafd. De handhaving van het criterium had in de jaren daarvoor geleid tot veel overlast van illegale straatdealers rondom de coffeeshops, die de buitenlandse consumenten daar opwachtten. De politie adviseerde de gemeente in 2016 om de handhaving van het ingezetenecriterium op te schorten. ‘Door het loslaten van het ingezetenencriterium is die overlast verdwenen,’ aldus de Eindhovense politie. Het ingezetenencriterium is in 2019 nog steeds opgeschort in Eindhoven. De situatie daar wordt regelmatig gemonitord. De burgemeester kan het opschortingsbesluit intrekken als dat nodig is, maar dat is dus al jaren niet meer het geval.

Nijmegen en Venlo

Bruls, de burgemeester van Nijmegen, was vanaf het begin gekant tegen het verbrokkelde beleid rondom het ingezetenencriterium. De burgemeester schortte het ingezetenencriterium in 2013 meteen al op om meer duidelijkheid te geven aan alle betrokkenen, in binnen- en buitenland.

Voordat hij burgemeester in Nijmegen werd, was Bruls burgemeester van Venlo. Toen hij daar in 2005 aantrad was er veel overlast van drugshandel in illegale drugspanden. Bruls maakte een einde aan die chaos en stelde orde op zaken. Twee coffeeshops verhuisden naar de rand van de stad dichtbij de grens. Duitse coffeeshoptoeristen konden hun auto’s daar makkelijk parkeren op een voormalige vrachtwagenparkeerplaats dichtbij de grens en hoefden het centrum niet meer in om cannabis te kopen. Met zijn aanpak minimaliseerde de burgemeester de overlast in de binnenstad van Venlo. In Venlo is er ook nu nog een bijzonder beleid ten opzichte van het toestaan van buitenlanders in de coffeeshops, onder een nieuwe burgemeester, Antoin Scholten. Duitsers die in een straal van dertig kilometer rondom Venlo wonen mogen in de Venlose coffeeshops cannabisproducten komen kopen. Dit geheel in overleg met de Duitse grensgemeenten in de buurt. De burgemeester geeft een duidelijke reden aan waarom hij de Duitsers niet wil weren uit de coffeeshops: 'Allereerst heb ik dan een probleem met de openbare orde omdat er dan weer wordt gedeald in de wijken. Bovendien heb ik een moreel probleem want het zou betekenen dat in Venlo eigen inwoners gecontroleerde wiet kunnen kopen terwijl Duitsers zijn aangewezen om op straat wiet te kopen. Dat past niet in de Euregionale gedachte en de samenwerking die we zoeken met de Duitse overheden als het gaat om drugsbeleid,’ aldus de burgemeester voor de lokale nieuwszender Omroep Venlo. Hij legde in dat interview uit dat hij zou weigeren om het ingezetenencriterium in te voeren bij eventuele Venlose deelname aan het wietexperiment. Venlo doet uiteindelijk niet mee aan het experiment.

Lelystad

In Lelystad wordt het ingezetenencriterium wel gehandhaafd. In die stad verblijft een groot aantal bouwvakkers en werknemers uit andere EU-landen, die ook wel eens een jointje roken. Zij kunnen nu niet in de coffeeshop terecht maar wijken uit naar omliggende gemeenten en naar de lokale zwarte markt. Er zijn geen gegevens over de overlast die dat veroorzaakt.

Het ingezetenencriterium is het overlevende restant van de invoering van de wietpas, het grootste gedrocht op het gebied van het Nederlandse drugsbeleid

Burgemeesters allergisch

Je kunt coffeeshops sluiten, zoals enkele jaren geleden in Roosendaal gebeurde. Maar daarmee verdwijnt de overlast niet. Ook het weren van buitenlanders uit de coffeeshops die aan de grens liggen is geen oplossing. Door de beperkingen of sluitingen verplaatst de overlast hoogstens naar buitenwijken van de stad en naar parken of grote parkeerplaatsen. Dit blijkt bijvoorbeeld uit de situatie in Maastricht, waar na de mislukte invoering van de wietpas toch nog steeds wordt vastgehouden aan het ingezetenencriterium.

Het ingezetenencriterium is het overlevende restant van de invoering van de wietpas, het grootste gedrocht op het gebied van het Nederlandse drugsbeleid. De invoering van die pas veroorzaakte in Zuid-Nederland een enorm probleem met de openbare orde, omdat het veel buitenlandse bezoekers en Nederlanders in de handen dreef van de illegaliteit, waarmee de overlast van illegale dealers flink toenam. Een groot deel van de burgemeesters is om begrijpelijke redenen allergisch voor de handhaving van het ingezetenencriterium. Het is naïef om te denken dat het ingezetenencriterium de overlast van toeristen laat afnemen. Het tegenovergestelde is aannemelijker.

Redactie BCD, 10 oktober 2019