De cannabissector wordt zenuwachtig in aanloop naar het wietexperiment. We moeten het hoofd koel houden en de gelederen sluiten.

Je kunt je klok erop gelijkzetten. Telkens als de normalisering van cannabis in ons land een stap voorwaarts lijkt te gaan maken, laten de tegenkrachten van zich horen. Verjaarde argumenten worden uit de kast gehaald en gepresenteerd als nieuwe feiten, zelfs de stepping-stone theorie komt weer even om de hoek kijken. Als cannabisbranche kun je daar eigenlijk alleen maar je schouders over ophalen. We zullen moeten accepteren dat een deel van de maatschappij altijd weerstand zal blijven bieden tegen cannabis, het lijkt erbij te horen. Het is belangrijk om niet terug te vallen op emotionele reacties, maar om bij de feiten te blijven. Dat gebeurt van beide kanten lang niet altijd. Soms zijn ook de feiten van de één niet de feiten van de ander.

Het CIROC (Center for Information & Research on Organised crime) organiseerde 18 april in Utrecht een seminar over het wietexperiment. Er waren niet veel aanwezigen, maar de ambtenaren, politiemensen, onderzoekers en zelfs enkele leden van de wietexperiment commissie die er wel waren, hebben veel invloed op de invulling van het experiment. En dus op de toekomst van het coffeeshop landschap. Het ging hier om een seminar waar de coffeeshop wordt gezien als commerciële uitwas van criminele organisaties. Goed om daar eens de stemming te peilen. Zoals gezegd, het geluid bij zo’n seminar kan veel invloed hebben op de branche.

Framing

Caspar Hermans, projectleider Taskforce Brabant Zeeland is één van de sprekers. Hij steekt zijn afschuw over de toenemende normalisering van cannabis niet onder stoelen of banken. Op weg naar zijn kantoor baant hij zich iedere dag opnieuw een weg door de wietdampen in het centrum van Amsterdam. Dat stoort hem. Amsterdam is volgens de projectleider één grote coffeeshop geworden vol met toeristen. Hermans: “Het is een unique selling point om toeristen naar Amsterdam te trekken. Daar moeten we vanaf.” Het gaat hier om een persoonlijke mening, geen brede analyse van de voor- en tegenstanders van coffeeshops. Emoties in plaats van feiten. Toch is het belangrijk om de redenering van Hermans te aanhoren. Als Taskforce-leider wordt hij waarschijnlijk eerder serieus genomen dan een coffeeshopondernemer. We moeten ons bewust zijn waar we staan in de discussie.

Het is volgens Hermans een kwestie van framing. Het imago van Amsterdam als coffeeshop walhalla is volgens hem actief gepromoot door de cannabisbranche. Hij heeft wel wat ideeën hoe er iets aan dat imago gedaan kan worden, zodat dit soort toeristen wegblijven uit Amsterdam. Er is volgens hem een samenhang met het opkomende Airbnb toerisme. Je kunt deze toeristen herkennen aan hun zoekgedrag op internet. Je zou ze bij voorbaat al boodschappen kunnen sturen via Facebook om ze te laten weten dat ze niet langer welkom zijn. Daarom is hij erop gebrand het I-criterium alsnog in te voeren in Amsterdam. Amsterdam moet van zijn wiet-imago af. Zonder blowtoerisme kan het aantal coffeeshops ook flink worden teruggebracht.

Alternatieve distributiepunten

Hermans is in principe een voorstander van het wietteeltexperiment. Maar hij wil ook graag experimenteren met andere distributiepunten. Hij noemt het door TNO ontwikkelde ‘block chain’ model als mogelijk alternatief. De coffeeshop wordt daarbij volledig overbodig omdat de hele keten via internet verloopt. Naast dit model zijn er nog meer alternatieven voor de coffeeshop bedacht. De social cannabisclubs en de distributiepunten van Greenlabs bijvoorbeeld.

Hermans vindt de social cannabisclub veelbelovend. Coffeeshops zijn in zijn ogen een uitvloeisel van keihard kapitalisme. De Ikea in de hennephandel. “We moeten terug naar de social cannabisclub. Klein en niet commercieel.”

Het is even slikken om zijn verhaal aan te horen, maar het is goed om te beseffen dat hij niet de enige is die er zo over denkt. Voor de coffeeshopbranche is het belangrijk om te weten dat een aantal invloedrijke mensen zó over de cannabisbranche denkt. Mensen als Hermans willen een alternatief voor de moderne coffeeshop die in hun ogen te groot en te commercieel is geworden. Door terug te gaan naar de ouderwetse kleine hippiecoffeeshop (Koos Koets) zou het allemaal weer goed kunnen komen. En een social cannabisclub lijkt een beetje op die Koos Koets coffeeshop.

Kritiek

De vraag is hoe realistisch zo’n perspectief op de cannabismarkt is. Deze mensen lijken niet te beseffen dat de wereld is veranderd de afgelopen veertig jaar. Koos Koets is een jaren tachtig personage van Van Kooten en de Bie. In die tijd werd een ‘allochtoon’ nog ‘gastarbeider’ genoemd. Er was geen internet, maar de fax was in opkomst, we betaalden nog met betaalcheques. En van een smartphone had nog nooit iemand gehoord. Het was een totaal andere wereld. Er is veel veranderd sinds de tijd van Koos Koets. Ook de coffeeshop van toen is doorontwikkeld. Het huidige systeem van coffeeshops is een systeem dat zich bewezen heeft, een systeem dat is mee veranderd met samenleving en regelgeving. Het is een systeem dat de cannabisconsument op een veilige manier aan cannabis helpt. De meeste consumenten hebben vertrouwen in de coffeeshop.

Verder is het onwaarschijnlijk dat het imago van Amsterdam verandert door een Facebook campagne. Waarschijnlijk lopen 30 april aanstaande nog steeds hordes toeristen in oranje gekleed door Amsterdam, op zoek naar Koninginnedag. Verander dat beeld maar eens.

Coffeeshop bewezen systeem

Er worden de laatste tijd steeds weer nieuwe alternatieven voor de coffeeshop genoemd. Maar als je de coffeeshops overboord gooit zonder een bewezen goedwerkend alternatief te bieden speel je met vuur. De Canadezen en Amerikanen komen juist nu naar Nederland toe om te kijken naar het coffeeshopmodel, omdat hun eigen distributiemodellen niet aansluiten bij de vraag van de consument. Ze komen er langzaam maar zeker achter dat het niet voldoende is om alleen verkooppunten in het leven te roepen. Consumenten hebben ook behoefte aan plekken waar zij samen cannabis kunnen consumeren. De coffeeshop is het antwoord daarop. De coffeeshops vormen de linking pin tussen de producenten en de consumenten en ze zijn een systeem dat zich bewezen heeft en dat al jaren overeind weet te blijven in een onmogelijke situatie tussen legaal en illegaal, tussen vraag en aanbod.

Als je coffeeshops vervangt door een afgeknepen distributiesysteem voor cannabis dan stappen consumenten over naar minder afgeknepen kanalen. Feeling met de consument is erg belangrijk. Daar houden mensen als Hermans totaal geen rekening mee. Het is als coffeeshop niet eenvoudig om blijvend te concurreren met aanbieders op de zwarte markt. Dat zal voor alternatieven voor de coffeeshop ook gelden. Ook daar houdt Hermans geen rekening mee. Consumenten weten nieuwe wegen naar wiet te vinden als je coffeeshops gaat sluiten. De ontwikkelingen op de markt zijn niet te stoppen. In de VS zijn edibles en wietvarianten met hogere THC-percentages razend populair. Die ontwikkelingen blijven doorgaan en waaien ook de oceaan over naar Europa. Met of zonder coffeeshops.

Antwoord op Canadese investeerders

Daarnaast zijn de coffeeshops ook een belangrijk antwoord op Amerikaanse en Canadese investeerders op de Nederlandse cannabismarkt. Die investeerders ga je niet 100% tegenhouden, maar met de coffeeshops is er een goede buffer. Coffeeshops vormen een sterk en herkenbaar Nederlands systeem. Dat is nodig. Want als de Canadezen het overnemen zal het pas echt commercieel worden en gaat het pas écht om het grote geld. Dat moet je niet willen. Het Canadese Hudson Bay nam afgelopen jaren de plek over van V&D. Dat is niet echt een verbetering gebleken. In de warenhuissector lijken de Canadezen zich te gaan terugtrekken uit Nederland. Er blijft een grote leegte achter.

Hoe ga je als branche om met partijen die coffeeshops het liefst zo snel mogelijk uit de plannen willen schrappen? Het is soms om moedeloos van te worden. Er is maar een reactie mogelijk: We moeten de gelederen sluiten. We moeten zoveel mogelijk met een stem spreken en niet gaan schreeuwen of weglopen van tafel. Samenwerken en een professionele houding aannemen zijn de enige manieren om serieus een stem te blijven houden bij toekomstige ontwikkelingen. Want gelukkig denkt niet iedereen als Hermans.

Redactie BCD, 24 april 2018